ECLI:NL:RBROT:2023:11075
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toepassing van de schuldsaneringsregeling ondanks eerdere faillissement en schulden uit onderneming
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. De rechtbank heeft het verzoek beoordeeld en vastgesteld dat verzoeker is opgehouden met betalen en niet meer in staat is zijn schulden te voldoen. Hoewel schulden uit de onderneming niet te goeder trouw zijn ontstaan, is op grond van artikel 288 lid 3 Faillissementswet Pro een uitzondering mogelijk indien de omstandigheden die tot de schulden hebben geleid onder controle zijn.
De rechtbank constateert dat verzoeker sinds het faillissement in december 2020 en de opheffing daarvan in mei 2022 zijn situatie heeft gestabiliseerd. Verzoeker heeft zijn alcoholverslaving succesvol behandeld, een fulltime baan gevonden en geen nieuwe schulden gemaakt. Hierdoor is het vertrouwen ontstaan dat verzoeker de verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling zal nakomen.
De rechtbank verklaart zich bevoegd op grond van EU-verordening 2015/848 en wijst de schuldsaneringsregeling toe met een termijn van 18 maanden. Tevens wordt een rechter-commissaris benoemd en een voorschot op vergoeding van de bewindvoerder toegekend. De regeling wordt per 5 juli 2023 van kracht.
Uitkomst: Toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt toegewezen voor een termijn van 18 maanden vanaf 5 juli 2023.