ECLI:NL:RBROT:2023:11092
Rechtbank Rotterdam
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen huisverbod wegens ernstig en onmiddellijk gevaar in relatieconflict
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen een huisverbod dat door de burgemeester van Rotterdam is opgelegd op grond van de Wet tijdelijk huisverbod. Dit huisverbod werd opgelegd omdat de aanwezigheid van verzoeker in de woning een ernstig en onmiddellijk gevaar zou opleveren voor de veiligheid van de achterblijfster, met wie hij een conflictrelatie heeft.
De voorzieningenrechter heeft vastgesteld dat er meerdere ruzies met fysiek contact tussen partijen hebben plaatsgevonden, waarbij de achterblijfster bij de laatste ruzie een bloedneus heeft opgelopen. Dit maakt aannemelijk dat de aanwezigheid van verzoeker in de woning een gevaar vormt. Hoewel verzoeker aangeeft zich ook zonder huisverbod niet in de buurt van de woning te zullen begeven, zijn er nog geen veiligheidsafspraken gemaakt en is er geen partnergesprek geweest.
De rechter weegt mee dat achterblijfster geen andere woonruimte in Rotterdam heeft en dat verzoeker inmiddels onderdak heeft. De belangenafweging leidt tot de conclusie dat het huisverbod terecht is opgelegd. Het beroep wordt ongegrond verklaard, het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en het verzoek om schadevergoeding niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het huisverbod wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.