ECLI:NL:RBROT:2023:11307
Rechtbank Rotterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing gevangenhouding verdachte wegens toepassing artikel 67a lid 3 Sv
De rechtbank Rotterdam heeft op 28 november 2023 in raadkamer de vordering tot gevangenhouding van verdachte afgewezen en het bevel tot inbewaringstelling opgeheven. Verdachte werd binnen drie maanden voor de tweede keer aangetroffen onder omstandigheden die vallen onder artikel 138aa Sr, waarbij ernstige bezwaren en recidivegevaar aanwezig zijn.
Hoewel verdachte formeel niet eerder onherroepelijk veroordeeld was voor het feit, werd hij eerder onder vergelijkbare omstandigheden op een afgesloten haventerrein aangetroffen. Verdachte gaf geen uitleg over zijn aanwezigheid, die sterk lijkt samen te hangen met criminele activiteiten in de Rotterdamse haven.
De rechtbank erkent de ernst van de verdenking en de recidive, maar verwijst naar jurisprudentie van het hof Den Haag die aangeeft dat voor het feit waarvoor verdachte nu in bewaring zit, uiteindelijk geen onvoorwaardelijke vrijheidsstraf aan de orde zou zijn. Op grond hiervan past de rechtbank artikel 67a lid 3 Sv toe en besluit tot opheffing van het bevel tot inbewaringstelling.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot gevangenhouding af en heft het bevel tot inbewaringstelling op op grond van artikel 67a lid 3 Sv.