Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoeker;
- mevrouw C. Rodrigues, werkzaam bij de Kredietbank Rotterdam (hierna: schuldhulpverlening);
- mevrouw W.A. Balgobind, werkzaam bij Fresh Start Bewind (hierna: beschermingsbewindvoerder),
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft een schuldregeling aangeboden aan zijn schuldeisers, waarbij een betaling van 2,52% van de totale schuldenlast werd voorgesteld. Zeven van de acht schuldeisers gingen hiermee akkoord, maar één schuldeiser weigerde in te stemmen. Verzoeker staat sinds februari 2022 onder beschermingsbewind en volgt een opleiding, met ondersteuning bij het vinden van werk.
De rechtbank stelt vast dat de weigering van de schuldeiser niet redelijk is, gezien het geringe aandeel van diens vordering (3,3%) in de totale schuldenlast en het feit dat het voorstel deskundig is getoetst en goed gedocumenteerd. De regeling voorziet in een prognosepercentage dat kan stijgen bij een hoger inkomen van verzoeker.
De rechtbank oordeelt dat de belangen van verzoeker en de meerderheid van schuldeisers zwaarder wegen dan die van de weigeraar. Het verzoek om dwangakkoord wordt toegewezen, de schuldeiser wordt veroordeeld in de proceskosten en het subsidiaire verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de schuldeiser in te stemmen met de schuldregeling en wijst het verzoek tot dwangakkoord toe.