Eiser hield sinds 2010 wilde zwijnen op een omheind perceel en kreeg vier boetes van in totaal €6.000,- opgelegd wegens het ontbreken van registratie van de inrichting en dieren en het niet voorzien in voldoende vers drinkwater. De rechtbank beoordeelt dat de zwijnen gehouden dieren zijn, niet vrij wild, en dat eiser daarom moet voldoen aan de relevante wettelijke voorschriften. Het beroep op de Beleidsregel grof wild uit gesloten gebieden wordt verworpen omdat eiser geen aanvraag heeft ingediend en de situatie niet is beoordeeld.
De toezichthouders van de NVWA constateerden dat de wilde zwijnen niet geregistreerd waren, geen oormerken hadden en alleen konden drinken uit een waterpoel met stilstaand groen water. Eiser voerde aan dat de dieren gezond waren en dat hij geen inkomsten uit de zwijnen ontving, maar dit weerlegt de rechtbank. De boetes zijn terecht opgelegd, maar de rechtbank vermindert het totaalbedrag met 5% vanwege een overschrijding van de redelijke termijn van vier maanden.
De rechtbank wijst erop dat alleen de boetes worden beoordeeld, niet het bredere handhavingstraject. Ook wordt het door eiser betaalde griffierecht van €184,- vergoed omdat de overschrijding van de redelijke termijn volledig aan de rechtbank is toe te rekenen. Het beroep wordt gegrond verklaard, het boetebedrag vastgesteld op €4.275,- en het primaire besluit herroepen voor zover het de hoogte van de boete betreft.