Op 12 augustus 2023 heeft de verdachte zijn huisgenoot met een keukenmes gestoken, wat leidde tot een levensbedreigende verwonding. De rechtbank stelde vast dat sprake was van voorwaardelijk opzet op de dood van het slachtoffer, waarmee de poging tot doodslag wettig en overtuigend bewezen werd verklaard.
De verdediging voerde echter een beroep op noodweer aan, stellende dat de verdachte werd aangevallen door het slachtoffer en zich slechts verdedigde met een enkele steekbeweging. De officier van justitie verwierp dit verweer vanwege disproportionaliteit en culpa in causa, maar de rechtbank oordeelde anders.
De rechtbank concludeerde dat de aanval van het slachtoffer een ogenblikkelijke en wederrechtelijke aanranding vormde, dat de verdediging noodzakelijk en proportioneel was, en dat de verdachte geen schuld had aan het ontstaan van het conflict. Hierdoor werd het beroep op noodweer gegrond verklaard en werd de verdachte ontslagen van alle rechtsvervolging.
Daarnaast wees de rechtbank de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke taakstraf af. Het vonnis werd gewezen door drie rechters en uitgesproken op 30 november 2023.