In deze civiele procedure tussen Vereniging Eigen Huis en een individuele gedaagde staat de naleving van precontractuele informatieverplichtingen centraal. Gedaagde betwist dat de overgelegde screenshots van het bestelproces overeenkomen met het bestelproces zoals hij dat in oktober 2020 heeft doorlopen. De kantonrechter concludeert dat Vereniging Eigen Huis niet heeft aangetoond dat aan de informatieverplichtingen uit artikel 6:230m lid 1 BW is voldaan.
De rechtbank overweegt dat de overgelegde screenshots uit 2023 niet verifiëren of het bestelproces in 2020 identiek was, waardoor niet kan worden vastgesteld of gedaagde voldoende geïnformeerd was over de rechtspositiebepaling en de kosten daarvan. Dit leidt tot gedeeltelijke vernietiging van de betalingsverplichting, waarbij de hoofdsom wordt verminderd met 50%.
Daarnaast wordt aan Vereniging Eigen Huis een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten toegekend, zij het beperkt tot het op de toewijsbare hoofdsom gebaseerde bedrag. De wettelijke rente wordt toegewezen vanaf 12 december 2022. De proceskosten worden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.