Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
- (het medeplegen van) de moord op [slachtoffer01] op 31 december 2021 te [plaats02] (dagvaarding I);
- (het medeplegen van) het voorhanden hebben van een wapen en/of munitie, te weten: een pistool van het merk Grand Power K100 en 21 kogelpatronen van kaliber 9mm (dagvaarding II).
3.Eis officier van justitie
bewezenverklaring van het bij dagvaarding II ten laste gelegde;
veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 22 jaar met aftrek van voorarrest.
4.Waardering van het bewijs
“Dat zijn mensen die gaan anderen betalen om je dood te maken .. maar wij .. wij klappen gelijk!”,waarna [medeverdachte01] heeft geantwoord met:
“Gelijk, je moet gaan zoeken naam en adres en alles en dit en dat broer.”
Beoordeling
Conclusie
Beoordeling
Conclusie
5.Waardering van het bewijs
Standpunt verdediging
Beoordeling
Conclusie
6.Bewezenverklaring
[slachtoffer01]is overleden.
(in een woning aan de [adres06] te
), tezamen en in vereniging met
(een
)ander een
(daarbij
) (voor dit vuurwapen geschikte
)munitie in de zin van artikel 1, lid 1 onder
7.Strafbaarheid feiten
8.Strafbaarheid verdachte
9.Motivering straf
10.Vorderingen benadeelde partijen / schadevergoedingsmaatregel
€ 3.790,00 +
€ 29.785,00 +
€ 39.900,00 +
€ 133.475,00bestaande uit:
€ 3.790,00 +
€ 29.785,00 +
€ 39.900,00 +
20.000,00 +
20.000,00 +
567,87 +
€ 85.057,87bestaande uit:
20.000,00 +
€ 17.500,00
567,87 +
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
12.Bijlagen
13.Beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
18 (achttien) jaar;
[benadeelde partij01] ,te betalen een bedrag van
€ 23.790,00 (zegge: drieëntwintigduizend zevenhonderdnegentig euro), bestaande uit € 3.790,00 aan materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf de factuurdatum tot aan de dag der algehele voldoening, en € 20.000,00 aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 31 december 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
[benadeelde partij02] ,te betalen een bedrag van
€ 49.785,00 (zegge: negenenveertigduizend zevenhonderdvijfentachtig euro), bestaande uit € 29.785,00 aan materiële schade en
[benadeelde partij03], te betalen een bedrag van
€ 59.900,00 (zegge: negenenvijftigduizend negenhonderd euro), bestaande uit € 39.900,00 aan materiële schade en € 20.000,00 aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 31 december 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
[benadeelde partij04], te betalen een bedrag van
€ 37.500,00 (zegge: zevenendertigduizend vijfhonderd euro)aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 31 december 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
[benadeelde partij05], te betalen een bedrag van
€ 17.500,00 (zegge: zeventienduizend vijfhonderd euro)aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 31 december 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
[benadeelde partij06], te betalen een bedrag van
€ 30.057,87 (zegge: dertigduizend zevenenvijftig euro en zevenentachtig eurocent), bestaande uit € 10.057,87 aan materiële schade, waarvan
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde partij01]te betalen
€ 23.790,00(hoofdsom,
zegge: drieëntwintigduizend zevenhonderdnegentig euro), waarvan de materiële schade ad
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
40 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde partij02]te betalen
€ 49.785,00(hoofdsom,
zegge: negenenveertigduizend zevenhonderdvijfentachtig euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 december 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 49.785,00 niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
83 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde partij03]te betalen
€ 59.900,00(hoofdsom,
zegge: negenenvijftigduizend negenhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 december 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 59.900,00 niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
100 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde partij04]te betalen
€ 37.500,00(hoofdsom,
zegge: zevenendertigduizend vijfhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 december 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 37.500,00 niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
63 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde partij05]te betalen
€ 17.500,00(hoofdsom,
zegge: zeventienduizend vijfhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 december 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 17.500,00 niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
29 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van
[benadeelde partij06]te betalen
€ 30.057,87(hoofdsom,
zegge: dertigduizend zevenenvijftig euro en zevenentachtig eurocent), waarvan de begrafeniskosten ad € 9.490,00 worden vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 januari 2022 tot aan de dag der algehele voldoening en de resterende schade ad € 30.567,87 wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 december 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
50 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;