ECLI:NL:RBROT:2023:12280
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige verwerking van de kwalificatie 'fraude' in gemeentelijke systemen
De rechtbank Rotterdam behandelt een bestuursrechtelijke zaak waarin eiseres bezwaar maakt tegen de registratie van de kwalificatie 'fraude' in de gemeentelijke systemen van het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. De rechtbank bevestigt dat deze kwalificatie als persoonsgegeven in de zin van de AVG moet worden beschouwd. Hoewel het college erkent dat een deel van de fraudevermelding onterecht is opgenomen en deze zal verwijderen, stelt het dat de vermelding over het verzwijgen van inkomsten terecht is.
De rechtbank overweegt dat de verwerking van de kwalificatie 'fraude' verder gaat dan strikt noodzakelijk is en niet voldoet aan het beginsel van minimale gegevensverwerking zoals vereist door de AVG. De enkele verwijzing naar bestuursrechtelijke fraude is onvoldoende om de verwerking te rechtvaardigen. Daarom is de verwerking onrechtmatig en moet de kwalificatie zonder onredelijke vertraging worden gewist.
Verder wijst de rechtbank erop dat het college ook verantwoordelijk is voor het verwijderen van deze gegevens uit het landelijke Suwinet-systeem. Een verzoek tot schadevergoeding van € 30.000,- wegens immateriële schade wordt afgewezen wegens onbevoegdheid van de bestuursrechter. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt op tot wissing van de kwalificaties en vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen de kwalificatie 'fraude' uit de gemeentelijke systemen en Suwinet te wissen.