De kinderrechter van de rechtbank Rotterdam behandelde het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling (OTS) van twee minderjarige kinderen, geboren in 2016, waarbij de vader en moeder gezamenlijk het ouderlijk gezag hebben. De kinderen wonen bij de moeder. De GI Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond verzocht om verlenging van de OTS vanwege het ontbreken van structureel en onbelast contact tussen de vader en de kinderen.
Tijdens de procedure bleek dat de omgangsmomenten tussen vader en kinderen slechts sporadisch plaatsvonden en recentelijk geheel waren gestopt. Dit kwam onder meer door een wisseling van jeugdbeschermer, de beperkte beschikbaarheid van de vader op vrijdag (de dag van zwemles voor de kinderen), en de frustratie over de omgangsregeling. De vader stelde dat omgang alleen op vrijdag mogelijk was, wat niet haalbaar bleek. De moeder erkende het belang van omgang maar wees op eerdere niet-nagekomen afspraken en bedreigingen door de vader.
De kinderrechter oordeelde dat de zorgen over de ontwikkeling van de kinderen nog steeds aanwezig zijn en dat de OTS noodzakelijk blijft. Er is onvoldoende onbelast contact met de vader en de betrokkenheid van een jeugdbeschermer blijft van belang. Daarom werd de OTS verlengd tot 22 juni 2024. Tevens werd benadrukt dat de vader zich flexibeler moet opstellen en dat de jeugdbeschermer een actieve rol moet blijven spelen in het bewaken van het belang en de veiligheid van de kinderen.