ECLI:NL:RBROT:2023:13024
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beschikking partneralimentatie na ontbinding huwelijk met dubbele woonlasten en AOW-leeftijd
De vrouw en man zijn gewezen echtgenoten die in geschil zijn over partneralimentatie na ontbinding van hun huwelijk. De vrouw verzoekt een maandelijkse bruto bijdrage van €1.730 vanaf 7 september 2021, terwijl de man dit bedrag betwist wegens vermeende zelfvoorziening van de vrouw en beperkte draagkracht.
De rechtbank hanteert als ingangsdatum van de alimentatie het verzoekschrift van 28 juni 2022 en verdeelt de beoordeling in twee periodes: tot 6 december 2022 en vanaf die datum, waarop de vrouw AOW ontvangt. De huwelijksgerelateerde behoefte van de vrouw wordt vastgesteld op €1.483 netto per maand, waarbij haar pensioenuitkering van €808 netto wordt meegerekend.
De man heeft een netto besteedbaar inkomen van €2.504, met noodzakelijke lasten inclusief dubbele woonlasten van €2.465, waardoor een beperkte draagkracht van €31 bruto per maand resteert. De rechtbank acht de dubbele woonlasten niet verwijtbaar vanwege omstandigheden rondom verkoop woning en leeftijd man.
Na vergelijking van de financiële situaties oordeelt de rechtbank dat de vrouw niet beter af is dan de man bij betaling van €31. Vanaf 6 december 2022 is de behoefte van de vrouw gedekt door haar pensioen en AOW, zodat partneralimentatie wordt afgewezen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en partijen dragen eigen proceskosten.
Uitkomst: Man moet van 28 juni tot 6 december 2022 €31 bruto per maand partneralimentatie betalen, daarna geen bijdrage wegens AOW-uitkering vrouw.