Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1 primair en het onder 2 ten laste gelegde op de dagvaarding met parketnummer 10-331760-21 en van het ten laste gelegde feit in de dagvaarding met parketnummer 10-063892-22;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf van 1 (een) maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, een taakstraf voor de duur van 240 uur, subsidiair 120 dagen vervangende hechtenis en een onvoorwaardelijke ontzegging van de bevoegdheid om motorvoertuigen te besturen voor de tijd van 6 maanden.
4.Waardering van het bewijs
zeeronvoorzichtig geweest. De verdachte heeft dan ook schuld aan het ongeval als bedoeld in artikel 6 WVW Pro.
onder 1 primairten laste gelegde heeft begaan.
onder 2op de dagvaarding met parketnummer 10-331760-21 ten laste gelegde heeft begaan, alsook het ten laste gelegde op de dagvaarding met parketnummer 10-063892-22
.
5.Strafbaarheid feiten
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straffen
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Bijlagen
10.Beslissing
taakstrafvoor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren, waarbij de Reclassering Nederland dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;
120 (honderdtwintig) dagen;
de bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de tijd van
2 (twee) jaar;
1 (één) jaar niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
proeftijd, die wordt gesteld op 2 (twee) jaar;