Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- schuldenaar;
- mevrouw [naam01] en mevrouw [naam02] , beiden werkzaam bij GNG Bewindvoering (hierna: beschermingsbewindvoerder);
- mevrouw J.M. Hoogland, bewindvoerder.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft op 23 januari 2023 de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling uitgesproken ten aanzien van schuldenaar. De bewindvoerder had verzocht tot beëindiging vanwege het niet nakomen van de sollicitatieplicht, informatieplicht, afdrachtverplichting en het ontstaan van nieuwe schulden.
Tijdens de procedure bleek dat schuldenaar vanaf het begin van de regeling tot juni 2021 niet aantoonbaar had gesolliciteerd en zonder medeweten van de bewindvoerder in dienst was getreden bij twee werkgevers. Tevens liet hij inkomsten op eigen rekeningen storten, waardoor een boedelachterstand van ruim € 23.859,59 ontstond. Schuldenaar gaf toe het inkomen deels te hebben besteed aan persoonlijke uitgaven.
De rechtbank oordeelde dat schuldenaar ernstig tekort was geschoten in zijn verplichtingen en dat sprake was van bewust handelen door het achterhouden van inkomsten. Ook het niet informeren over zijn woonsituatie bemoeilijkte de juiste berekening van de boedelafdracht. Gezien het ontbreken van een saneringsgezinde houding en de omvang van de boedelachterstand werd de regeling beëindigd. Het salaris van de bewindvoerder werd vastgesteld op maximaal € 3.306,06.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling wegens ernstige tekortkomingen en stelt het salaris van de bewindvoerder vast.