Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- vrijspraak van het ten laste gelegde;
- opheffing van de voorlopige hechtenis van de verdachte.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft op 16 februari 2023 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd verdacht van deelname aan een terroristische organisatie in Syrië gedurende de periode 2013-2017. De tenlastelegging betrof deelname aan organisaties zoals Jabhat Al-Nusra en andere jihadistische groeperingen met het oogmerk het plegen van terroristische misdrijven.
Tijdens de terechtzitting is het bewijs door zowel de officier van justitie als de verdediging besproken. De officier van justitie heeft uiteindelijk gevorderd tot vrijspraak wegens onvoldoende bewijs. De rechtbank heeft het bewijs beoordeeld en geoordeeld dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen kon worden.
De rechtbank heeft daarom de verdachte vrijgesproken van alle ten laste gelegde feiten, waaronder deelname aan een terroristische organisatie en aanverwante misdrijven. Tevens is het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte opgeheven. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer voor strafzaken onder voorzitterschap van mr. J.L.M. Boek en de rechters J.J. Bade en D.F. Smulders.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van deelname aan een terroristische organisatie.