ECLI:NL:RBROT:2023:195
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beëindiging WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Eiseres, voormalig bloementeler, meldde zich arbeidsongeschikt en ontving een Ziektewetuitkering, gevolgd door een loongerelateerde WIA-uitkering. Na herbeoordeling stelde een verzekeringsarts een nieuwe functionele mogelijkhedenlijst (FML) vast waaruit bleek dat eiseres 0% minder kan verdienen dan voorheen, wat betekent dat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt is.
Eiseres voerde in beroep aan dat het besluit innerlijk tegenstrijdig was, dat zij meer beperkingen had dan vastgesteld en dat het evenredigheidsbeginsel was geschonden. De rechtbank oordeelde dat de medische en arbeidsdeskundige onderzoeken zorgvuldig en uitvoerig waren verricht, en dat de beperkingen adequaat waren beoordeeld.
De rechtbank vond geen aanleiding om het medisch oordeel te verwerpen of een onafhankelijk deskundige te benoemen. Ook was er geen schending van het evenredigheidsbeginsel. Daarom bleef het besluit van beëindiging van de WIA-uitkering per 20 juni 2022 in stand en werd het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de beëindiging van haar WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.