De gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarig kind vanwege zorgen over de schoolgang en gedragsproblemen. De moeder werkt mee met hulpverlening en het kind volgt zwemles, voetbal en logopedie. Het kind kon echter na de kerstvakantie niet terug naar zijn basisschool en volgt sinds die tijd geen onderwijs.
De moeder betwist dat het kind van school is gestuurd en stelt dat de hulpverlening voldoende is en dat er geen ernstige ontwikkelingsbedreiging meer is. De rechtbank constateert positieve ontwikkelingen en inzet van de moeder, maar erkent het gebrek aan onderwijs en het ontbreken van een alternatief als kwalijk.
De rechtbank verlengt de ondertoezichtstelling voor drie maanden om de hulpverlening over te dragen naar het vrijwillig kader en om te beoordelen hoe het kind start bij een nieuwe onderwijsinstelling. Bij een goed verloop kan de ondertoezichtstelling worden beëindigd. De rest van het verzoek tot verlenging voor een jaar wordt afgewezen.