De rechtbank Rotterdam behandelde op 31 januari 2023 het verzoek van Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond tot verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarig kind. De ouders oefenen gezamenlijk het gezag uit, maar het kind woont bij de moeder. De GI heeft de verlenging van de ondertoezichtstelling voor vijf maanden na een eerdere maand verlenging gevraagd vanwege aanhoudende zorgen.
De GI meldde dat de samenwerking moeizaam verliep, maar dat een recent huisbezoek positieve indruk maakte. Toch blijven zorgen bestaan over de spanningen tussen de ouders en het effect daarvan op het kind, evenals over het contact tussen het kind en de vader, dat tijdelijk is stopgezet vanwege stress bij de vader. De GI wil passende hulpverlening inzetten om communicatie en omgang te verbeteren.
De moeder voert verweer en stelt dat er geen ontwikkelingsbedreiging is, dat het kind weinig last heeft van de spanningen en dat de situatie hypothetisch is. De vader daarentegen benadrukt de hoge spanningen en het negatieve effect op het kind, steunt de verlenging en staat open voor hulpverlening.
De rechtbank oordeelt dat het kind ernstig in haar ontwikkeling wordt bedreigd door de slechte verstandhouding en communicatie tussen de ouders, die onvoldoende in staat zijn het gezamenlijk ouderschap constructief vorm te geven. Het gevaar van gevoelens van onveiligheid en loyaliteitsconflict is reëel. Hulpverlening is noodzakelijk en moet snel worden ingezet. Daarom wordt de ondertoezichtstelling verlengd tot 6 juli 2023.