De Raad voor de Kinderbescherming verzocht op 29 maart 2023 om een ondertoezichtstelling van een in 2017 geboren minderjarige voor de duur van een jaar. De kinderrechter behandelde de zaak op 14 april 2023 met gesloten deuren, waarbij de moeder werd bijgestaan door een tolk Marokkaans vanwege taalbarrière.
De ouders oefenen gezamenlijk het ouderlijk gezag uit, maar zijn gescheiden en hebben veel conflicten over de zorg- en omgangsregeling. Deze conflicten en het negatieve spreken over elkaar in het bijzijn van de minderjarige veroorzaken spanningen en gedragsproblemen bij het kind, waaronder concentratieproblemen en mogelijk loyaliteitsconflicten. Hulpverlening in het vrijwillige kader heeft onvoldoende verbetering gebracht.
De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond ondersteunt het verzoek en benadrukt dat de ondertoezichtstelling gericht is op het gezamenlijk belang van het kind en het verbeteren van de communicatie tussen ouders. Beide ouders zijn het eens met het verzoek, hoewel de vader kritiek uitte op het rapport van de Raad.
De kinderrechter concludeert dat de ontwikkeling van de minderjarige ernstig wordt bedreigd en dat hulpverlening in een gedwongen kader noodzakelijk is. Daarom wordt de ondertoezichtstelling voor de duur van een jaar toegekend, met als doel de ouders te ondersteunen bij het oplossen van hun conflicten en het waarborgen van een stabiele opvoedsituatie voor het kind.