ECLI:NL:RBROT:2023:3513
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning aangepast leerlingenvervoer wegens ernstige benadeling gezin
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer voor haar zoon, die speciaal basisonderwijs volgt en niet zelfstandig met het openbaar vervoer kan reizen. Verweerder had de aanvraag afgewezen omdat de afstand tot de dichtstbijzijnde toegankelijke school minder dan zes kilometer bedraagt en geen bijzondere omstandigheden waren vastgesteld.
De rechtbank stelt vast dat eiseres voldoende heeft onderbouwd dat haar zoon vanwege een structurele verstandelijke handicap niet zelfstandig kan reizen en dat begeleiding door haar leidt tot een ernstige benadeling van het gezin, mede doordat de reistijd het wijkteam belemmert om noodzakelijke gezinsbegeleiding te bieden. De rechtbank oordeelt dat verweerder ten onrechte geen vervoersvoorziening heeft toegekend op grond van artikel 12, eerste lid, onder c, van de Verordening leerlingenvervoer Rotterdam 2015.
De rechtbank wijst de ingediende aanvullende stukken van 14 maart 2023 af wegens strijd met de goede procesorde. Gelet op de geconstateerde tekortkomingen vernietigt de rechtbank het bestreden besluit en beveelt verweerder een nieuwe beslissing te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.
De rechtbank benadrukt dat verweerder onzorgvuldig heeft gehandeld door zonder overleg met eiseres een door haar ingeschakelde gedragswetenschapper te benaderen, maar verbindt hieraan geen gevolgen gezien de uitkomst van het beroep.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en beveelt een nieuwe beslissing waarbij aangepast vervoer wordt toegekend.