ECLI:NL:RBROT:2023:3525

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
31 maart 2023
Publicatiedatum
25 april 2023
Zaaknummer
10213911 / CV EXPL 22-36167
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 246 lid 1 RvArt. 237 RvArt. 233 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering Zilveren Kruis en doorhaling zaak met proceskostenveroordeling

Zilveren Kruis Zorgverzekeringen N.V. vorderde betaling van €802,93 van de gedaagde, die zelf procedeerde. Na het antwoord van de gedaagde besloot Zilveren Kruis de zaak door te halen, maar de gedaagde stemde hier niet mee in. De rechtbank oordeelde dat doorhaling op eenzijdig verzoek niet mogelijk is en dat de vordering van Zilveren Kruis daarom wordt afgewezen.

De rechtbank veroordeelde Zilveren Kruis tot betaling van de proceskosten van de gedaagde, vastgesteld op €50,00, omdat de gedaagde op de zitting van 29 november 2022 aanwezig was. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

De gedaagde stelde een tegenvordering in voor een schadevergoeding van €10,00 en een verbod voor Zilveren Kruis om hem te verhinderen over te stappen naar een andere zorgverzekeraar. Deze tegenvordering werd afgewezen, omdat de gedaagde geen onderbouwing gaf voor immateriële schade, de materiële schade reeds bij de proceskosten was inbegrepen en er geen bewijs was van verhindering tot overstappen.

De proceskosten in reconventie werden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis werd uitgesproken door kantonrechter W.J.J. Wetzels.

Uitkomst: De vordering van Zilveren Kruis wordt afgewezen en zij wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten; de tegenvordering van de gedaagde wordt eveneens afgewezen met kostencompensatie.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 10213911 / CV EXPL 22-36167
datum uitspraak: 31 maart 2023
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Zilveren Kruis Zorgverzekeringen N.V.,
gevestigd in Utrecht,
eiseres in conventie,
verweerster in reconventie,
gemachtigde: GGN Mastering Credit B.V. te Rotterdam,
tegen
[gedaagde01],
wonende in [woonplaats01] ,
gedaagde,
die zelf procedeert.
Partijen worden hierna ‘Zilveren Kruis’ en ‘ [gedaagde01] ’ genoemd.

1..De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 16 november 2022, met bijlagen;
  • het mondelinge en schriftelijke antwoord met een eis in reconventie (tegeneis), met bijlagen;
  • de akte doorhaling van Zilveren Kruis;
  • de e-mail van 28 januari 2023 van [gedaagde01] , waarin hij schrijft het niet eens te zijn met doorhaling van de zaak;
  • de akte van Zilveren Kruis.

2..De beoordeling

in conventie
De vordering van Zilveren Kruis wordt afgewezen.
2.1.
Zilveren Kruis vorderde aanvankelijk dat [gedaagde01] zou worden veroordeeld om een bedrag van in totaal € 802,93 met rente aan haar te betalen. Bij akte doorhaling heeft Zilveren Kruis - naar aanleiding van het antwoord van [gedaagde01] - de kantonrechter echter bericht dat zij deze zaak wil laten doorhalen op de rol. [gedaagde01] heeft niet met doorhaling van de zaak ingestemd.
2.2.
Op grond van artikel 246 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (‘Rv’) wordt op verlangen van partijen de zaak op de rol doorgehaald. Doorhaling op eenzijdig verzoek is niet mogelijk. Het afzien van Zilveren Kruis om verder te procederen wordt zo begrepen dat zij haar vordering tegen [gedaagde01] niet langer handhaaft. De vordering van Zilveren Kruis wordt daarom afgewezen.
Zilveren Kruis moet de proceskosten van [gedaagde01] betalen.
2.3.
Zilveren Kruis wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter stelt deze kosten aan de kant van [gedaagde01] tot vandaag vast op € 50,00 aan reis-, verblijf- en verletkosten, omdat [gedaagde01] op de rolzitting van 29 november 2022 is verschenen.
Uitvoerbaarheid bij voorraad
2.4.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 Rv Pro).
in reconventie
De tegeneis van [gedaagde01] wordt afgewezen.
2.5.
[gedaagde01] heeft een tegenvordering ingesteld. [gedaagde01] vordert dat Zilveren Kruis wordt veroordeeld om een schadevergoeding van in totaal € 10,00 (bestaande uit € 1,00 immateriële schade en € 9,00 materiële schade) aan hem te betalen en dat [gedaagde01] wil dat het Zilveren Kruis wordt verboden om [gedaagde01] te verhinderen over te stappen naar een andere zorgverzekeraar.
2.6.
De tegenvordering van [gedaagde01] wordt afgewezen. In de eerste plaats heeft [gedaagde01] niet onderbouwd dat hij immateriële schade heeft geleden. Verder is de vergoeding van de door hem gestelde materiële schade - waar [gedaagde01] aan ten grondslag heeft gelegd dat hij op de dagvaarding heeft moeten reageren - bij de proceskostenveroordeling in conventie inbegrepen. Tot slot blijkt nergens uit dat Zilveren Kruis [gedaagde01] verhindert om naar een andere zorgverzekeraar over te stappen. Als Zilveren Kruis [gedaagde01] al zou verhinderen naar een andere zorgverzekeraar over te stappen, dan is overigens ook niet gebleken zij dit op verkeerde en/of onrechtmatige gronden zou doen.
De proceskosten worden gecompenseerd.
2.7.
In de omstandigheden van het geval ziet de kantonrechter aanleiding om de proceskosten in reconventie te compenseren in die zin dat iedere partij de eigen kosten betaalt.

3..De beslissing

De kantonrechter:
in conventie
3.1.
wijst de vordering af;
3.2.
veroordeelt Zilveren Kruis in de proceskosten die aan de kant van [gedaagde01] tot vandaag worden vastgesteld op € 50,00;
3.3.
verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad;
in reconventie
3.4.
wijst de vordering af;
3.5.
compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten betaalt.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.J.J. Wetzels en in het openbaar uitgesproken.
38671