Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- vrijspraak van het onder 1 primair in zaak A ten laste gelegde;
- bewezenverklaring van het onder 1 subsidiair, 2 en 3 in zaak A, het in zaak B, het in zaak C, het onder 1 t/m 3 in zaak D, het onder 1 primair en 2 in zaak E en het in zaak F ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 3 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren en met oplegging van de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering in het rapport van 5 april 2023, te weten een meldplicht, opname in een zorginstelling, ambulante behandeling, begeleid wonen of maatschappelijke opvang, een locatieverbod en meewerken aan middelencontrole;
- dadelijke uitvoerbaarheid van de bijzondere voorwaarden.
4.Waardering van het bewijs
,en vervolgens
5.Strafbaarheid feiten
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.Vorderingen benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregelen
In deze procedure wordt over de gevorderde schadevergoeding van [benadeelde03] geen inhoudelijke beslissing genomen.
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 8 (acht) maanden;
3 (drie) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
2 (twee) jaren;
algemene voorwaarde:
bijzondere voorwaarden:
€ 293,27 (zegge: tweehonderd drieënnegentig euro en zevenentwintig cent)bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 22 januari 2023 tot aan de dag der algehele voldoening;
€ 3.847,58 (zegge: drieduizend achthonderd zevenenveertig euro en achtenvijftig cent), bestaande uit materiële schade te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 1 december 2022 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van De Nationale Politie te betalen
€ 293,27(hoofdsom,
zegge: tweehonderddrieënnegentig euro en zevenentwintig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 januari 2023 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 293,27 niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
5 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van Snel Express B.V. te betalen
€ 3.847,58(hoofdsom,
zegge: drieduizend achthonderdzevenenveertig euro en achtenvijftig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 december 2022 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 3.847,58 niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van 38 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;