Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde, te weten de (verlengde) uitvoer van bijna 12 kilogram heroïne;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 48 maanden met aftrek van voorarrest.
4.Vrijspraak
smoking, smoking”. Op de vraag of de verdachte een coffeeshop heeft bezocht, antwoordt de verdachte bevestigend. Hierop vordert de verbalisant de verdachte om alle verdovende middelen te overhandigen. Verbalisant [verbalisant01] ziet dat de verdachte niet begrijpt wat zijn collega zegt en spreekt de verdachte in het Frans aan. De verbalisant zegt tegen
donner tous les drogues est obligatoire”(de rechtbank begrijpt dat de verbalisant heeft bedoeld te zeggen dat de verdachte verplicht is om alle aanwezige drugs te geven). Hierop antwoordt de verdachte dat hij geen drugs bij zich heeft.
kijken(‘
regarder’) in het voertuig. Dit is anders dan het
doorzoeken(‘
fouiller’,begrijpt de rechtbank uit het woordenboek Nederlands-Frans van Van Dale) van een voertuig. Nu verbalisant [verbalisant03] eerst de goederen uit de achter de bijrijdersstoel van de auto staande boodschappentas heeft gehaald voordat hij de blokken verdovende middelen heeft aangetroffen, is naar het oordeel van de rechtbank sprake geweest van het
doorzoekenvan het voertuig. Dit is gebeurd zonder ondubbelzinnige toestemming van de verdachte die, zoals hiervoor is overwogen, alleen toestemming heeft gegeven voor het
kijkenin het voertuig. Van een redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit was overigens ook geen sprake, zodat ook op basis daarvan geen doorzoeking plaats kon vinden. Het enkele aantreffen van een holle ruimte naar het motorcompartiment door afgebroken wielkastbekleding en het enkele feit dat de verdachte gebaren maakte van het roken van een sigaret, daarbij zeggend “
smoking, smoking”, en bevestigend antwoordde op de vraag of de verdachte een coffeeshop heeft bezocht, is daarvoor – zo heeft ook de officier van justitie ter zitting opgemerkt - onvoldoende.
5.Bijlage
6.Beslissing
mr. D.F. Smulders, voorzitter,