Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1 primair en 2 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 44 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan acht maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren en als bijzondere voorwaarde dat de verdachte zich zal gedragen naar de aanwijzingen van de reclassering: meldplicht, ambulante behandeling, contactverbod en een locatieverbod zonder elektronische monitoring waarbij de verdachte zich niet bevindt binnen een straal van 500 meter van het woonadres van de aangever.
4..Waardering van het bewijs
eenflat gelegen aan [straatnaam03], in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een persoon, te weten [slachtoffer01] door:
5..Strafbaarheid feiten
6..Strafbaarheid verdachte
7..Motivering straf
8.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
9..Toepasselijke wettelijke voorschriften
10..Bijlagen
11..Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van vierentwintig (24) maanden;
zes (6) maanden)niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
€ 11.315,18 (zegge: elfduizend driehonderdvijftien euro en achttien eurocent), bestaande uit € 1.315,18 aan materiële schade en € 10.000,- aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 21 mei 2022 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde partij01] te betalen
€ 11.315,18 (hoofdsom, zegge: elfduizend driehonderdvijftien euro en achttien eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 21 mei 2022 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 11.315,18 niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
85 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.