ECLI:NL:RBROT:2023:4559
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Officier van justitie niet-ontvankelijk in ontnemingsvordering na vrijspraak verdachte
Op 17 mei 2023 vond de terechtzitting plaats bij de rechtbank Rotterdam in een zaak betreffende een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. De officier van justitie vorderde vaststelling van het bedrag en betaling van maximaal €135.365 aan de staat. De verdachte was echter in de hoofdzaak vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten.
Tijdens de zitting concludeerde de officier van justitie tot niet-ontvankelijkheid in de ontnemingsvordering, een standpunt dat door de verdediging werd ondersteund. De rechtbank oordeelde dat de vrijspraak in de hoofdzaak de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de ontnemingsvordering uitsluit.
Daarom verklaarde de rechtbank de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer voor strafzaken, bestaande uit voorzitter E. Rabbie en rechters H.I. Kernkamp-Maathuis en C.J.L. van Dam.
Uitkomst: De officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard in de ontnemingsvordering vanwege de vrijspraak van de verdachte in de hoofdzaak.