ECLI:NL:RBROT:2023:4562
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing maatwerkvoorschrift geluidsbegrenzer horeca-inrichting wegens onvoldoende onderbouwing
Verzoeker exploiteert een horecagelegenheid en is door het college van burgemeester en wethouders van Voorne aan Zee een maatwerkvoorschrift opgelegd om een geluidsbegrenzer te installeren. Dit is gebaseerd op overschrijdingen van geluidsgrenswaarden vastgesteld door de DCMR en een akoestisch rapport van dB Brothers.
Verzoeker maakte bezwaar tegen het besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelt dat het bestreden besluit onzorgvuldig is voorbereid, mede omdat verweerder ten onrechte uitgaat van een aanvraag voor ruimere geluidsgrenswaarden die verzoeker niet heeft gedaan. Ook is onvoldoende rekening gehouden met aanpassingen die verzoeker heeft gedaan om aan de normen te voldoen.
De voorzieningenrechter acht de grondslag voor het opleggen van de geluidsbegrenzer onvoldoende en wijst het verzoek om voorlopige voorziening toe. Het besluit wordt geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Verzoeker krijgt het betaalde griffierecht vergoed. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het maatwerkvoorschrift voor de geluidsbegrenzer wordt geschorst tot zes weken na beslissing op bezwaar wegens onvoldoende onderbouwing.