De Raad voor de Kinderbescherming verzocht op 14 april 2023 om een ondertoezichtstelling van het kind voor twaalf maanden vanwege zorgelijke signalen rondom de ontwikkeling en opvoedsituatie. De moeder verblijft sinds november 2022 in een vrouwenopvang en heeft een zware zorgindicatie, waardoor intensieve begeleiding noodzakelijk is.
Tijdens de zitting op 12 mei 2023, waarbij de moeder en vertegenwoordigers van de Raad en gecertificeerde instelling aanwezig waren, erkende de moeder haar behoefte aan extra hulp en verzette zich niet tegen het verzoek. Het kind vertoont een ontwikkelingsachterstand, maar maakt wel groei door. Er zijn zorgen over de veiligheid, met name vanwege hygiëne in de woonruimte.
De kinderrechter oordeelt dat aan de wettelijke criteria voor ondertoezichtstelling is voldaan en stelt het kind onder toezicht van de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en geldt van 12 mei 2023 tot 12 mei 2024. Hoger beroep is mogelijk via het gerechtshof Den Haag.