De rechtbank Rotterdam behandelde de samengevoegde zaken tegen de verdachte, waarin hij werd beschuldigd van diefstal met geweld en bedreiging van medewerkers van de gemeente Zwijndrecht. De rechtbank oordeelde dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs was voor de diefstal met geweld, waardoor de verdachte daarvan werd vrijgesproken.
Voor het feit van bedreiging stelde de rechtbank vast dat de verdachte de woorden 'Ik ga jullie allemaal aan flarden schieten' heeft geuit richting gemeenteambtenaren, wat bij hen redelijke vrees voor hun leven opwekte. Ondanks de verdediging dat de verdachte niet de intentie had te bedreigen, werd dit verweer verworpen en werd de bedreiging bewezen verklaard.
De rechtbank hield rekening met de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het plaatsvond en de persoonlijke situatie van de verdachte, waaronder het ontbreken van een strafblad voor soortgelijke feiten in de afgelopen vijf jaar en een psychologisch rapport. Gezien de ernst van de bedreiging en de publieke functie van de slachtoffers werd een gevangenisstraf opgelegd gelijk aan de duur van het voorarrest, namelijk 107 dagen.
De verdachte werd vrijgesproken van de diefstal met geweld en veroordeeld voor bedreiging. Tevens werd het bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven. Het vonnis werd uitgesproken op 9 juni 2023 door de meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam.