Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..De procedure
- verzoeker;
- mevrouw N.D. Hollander, werkzaam bij de Kredietbank Rotterdam (hierna: schuldhulpverlening);
- de heer E. Akarca, werkzaam bij Homerun Rotterdam forensische Zorg (hierna: Ambulant begeleider),
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker diende een verzoek in op grond van artikel 287a Faillissementswet om een dwangakkoord af te dwingen tegen een schuldeiser die niet wilde instemmen met een aangeboden schuldregeling. De regeling betrof een uitkering van een prognosepercentage gebaseerd op de Participatiewet-uitkering van verzoeker, die recent een eigen woning betrok en actief op zoek is naar een fulltime baan.
Vier van de vijf schuldeisers gingen akkoord met het voorstel, terwijl de schuldeiser met de grootste vordering (93,8% van de totale schuld) weigerde. De rechtbank stelde vast dat verzoeker aan zijn inspanningsplicht voldoet, onder toezicht staat van schuldhulpverlening en budgetbeheer, en dat het voorstel goed gedocumenteerd en getoetst is door een onafhankelijke partij.
De rechtbank oordeelde dat de belangen van verzoeker en de overige schuldeisers zwaarder wegen dan die van de weigeraar, mede omdat het dwangakkoord een beter resultaat oplevert dan een schuldsaneringsregeling. Het verzoek tot dwangakkoord werd toegewezen en het subsidiaire verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling afgewezen.
De schuldeiser werd veroordeeld in de proceskosten, die nihil werden begroot omdat geen griffierecht verschuldigd was en verzoeker niet door een advocaat werd bijgestaan. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen acht dagen worden bestreden door hoger beroep.
Uitkomst: Het verzoek tot dwangakkoord wordt toegewezen en de schuldeiser wordt veroordeeld in de proceskosten.