De zaak betreft verzoeken van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming West tot machtiging gesloten jeugdhulp en uithuisplaatsing van een minderjarige die sinds juni 2022 verblijft op een gesloten groep vanwege aanhoudend risicovol gedrag.
De kinderrechter heeft het verzoek tot machtiging uithuisplaatsing uit een eerdere procedure afgewezen omdat dit verzoek was ingetrokken. Het actuele verzoek betreft een machtiging gesloten jeugdhulp voor drie maanden als overbrugging naar een open groep, gevolgd door een machtiging tot uithuisplaatsing voor de duur van de ondertoezichtstelling.
De minderjarige heeft positieve ontwikkelingen doorgemaakt, maar wenst nog niet terug naar huis en wil verder leren op een open groep. De kinderrechter acht voortzetting van de gesloten plaatsing noodzakelijk om de veiligheid en continuïteit van de begeleiding te waarborgen.
De machtiging gesloten jeugdhulp wordt verleend tot uiterlijk 24 mei 2023, waarna de machtiging tot uithuisplaatsing geldt tot 16 augustus 2023. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden na uitspraak.