De Raad voor de Kinderbescherming heeft een verzoek ingediend tot ondertoezichtstelling van drie kinderen wegens zorgen over de opvoedsituatie en de drugsverslaving van de ouders. De kinderen waren tijdelijk uit huis geplaatst maar zijn teruggekeerd met veiligheidsafspraken en ambulante hulpverlening.
Tijdens de mondelinge behandeling gaf de moeder aan soms terugval te hebben in middelengebruik, maar samen met de (stief)vader werkt zij mee aan hulpverlening. De kinderrechter constateert dat de situatie nog steeds zorgelijk is vanwege het drugsgebruik, ondanks positieve ontwikkelingen zoals schoolbezoek en een opgeruimde woning.
De kinderrechter acht een klinische opname van de ouders noodzakelijk tenzij de hulpverlening dit anders beoordeelt. De beschikking stelt de kinderen voor de duur van een jaar onder toezicht van Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, met uitvoerbaarverklaring bij voorraad, om de veiligheid en ontwikkeling van de kinderen te waarborgen.