ECLI:NL:RBROT:2023:6253

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
14 juli 2023
Publicatiedatum
14 juli 2023
Zaaknummer
C/10/659370 / KG ZA 23-513
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:162 BWArt. 24 RvArt. 25 RvArt. 93 RvArt. 254 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering tot betaling geldsom wegens onvoldoende spoedeisend belang en aannemelijkheid

Eiseres vordert betaling van een geldsom van gedaagde, stellende dat gedaagde zich schuldig heeft gemaakt aan chantage en onrechtmatig gebruik van haar identiteit voor het afnemen van diensten bij Greenwheels. Eiseres baseert haar vordering op onrechtmatige daad en overlegt stukken waaronder aangifte en correspondentie.

Gedaagde betwist de beschuldigingen en stelt dat de correspondentie valselijk is opgemaakt. Het strafonderzoek naar de aangifte van chantage loopt nog en de bodemprocedure tussen Greenwheels en eiseres over betaling van facturen is eveneens aanhangig.

De voorzieningenrechter oordeelt dat in kort geding onvoldoende zekerheid bestaat over de juistheid van de beschuldigingen en dat eiseres geen feiten heeft aangevoerd die een onmiddellijke voorziening rechtvaardigen. De vordering wordt daarom afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: Vordering tot betaling van geldsom wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid en spoedeisend belang.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team handel en haven
zaaknummer / rolnummer: C/10/659370 / KG ZA 23-513
Vonnis in kort geding van 14 juli 2023
in de zaak van
[eiseres01],
wonende te Mijdrecht,
eiseres,
advocaat mr. C.J.P. Liefting te Mijdrecht,
tegen
[gedaagde01],
wonende te Rotterdam,
gedaagde,
advocaat mr. M.J.S. Spanjersberg te Zoetermeer.
Partijen zullen hierna [eiseres01] en [gedaagde01] genoemd worden.

1..De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding van 21 juni 2023, met 3 producties;
  • het mailbericht van 28 juni 2023 van [eiseres01] , met een aanvullende productie;
  • de brief van 28 juni 2023 van [eiseres01] , met (ongenummerde) aanvullende producties;
  • de brief van 29 juni 2023 van mr. Spanjersberg, waarin hij zich stelt als advocaat van [gedaagde01] ;
  • het mailbericht van 30 juni 2023 van [eiseres01] , met een aanvullende productie.
  • de mondelinge behandeling gehouden op 30 juni 2023;
  • de pleitaantekeningen van [eiseres01] .
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2..De feiten

2.1.
Op 11 februari 2023 heeft [eiseres01] bij de politie aangifte van chantage/afpersing gedaan tegen [gedaagde01] . In het proces-verbaal van aangifte is, voor zover relevant, het volgende vermeld:
“(…)
Hij[ [gedaagde01] ]
begon geld van mij te eisen om wiet te halen en te shoppen. Ik gaf hem dat dan. Ik gaf hem 30 of 40 euro. Hij rookte veel wiet.
We hadden een relatie dus gaf ik hem wel eens wat geld. Maar hij eiste het ook wel echt.
Hij heeft een keer een van de intieme foto’s die ik hem had gestuurd op de pagina van mijn oom gezet op Facebook, hij dreigde dan het te sturen om te plaatsen als ik hem geen geld gaf. Hij deed dat ook op de Facebook pagina van mijn moeder. Ik ben dan zo ontzettend bang dat hij het gaat plaatsen dat ik hem geef wat hij eist.
(…)
Ook heeft hij me een Greenwheels account laten aanmaken om hem continu te rijden waar hij naartoe wou. Ales wat hij vroeg deed hij onder de chantage dat hij de intieme foto’s naar familie zou sturen.
(…)”
2.2.
Op 7 maart 2023 is [eiseres01] door de politie nader gehoord in verband met haar aangifte. Van dat verhoor heeft de politie proces-verbaal opgemaakt. De zaak is vervolgens overgedragen aan de politie in Amsterdam. Het strafonderzoek loopt nog.
2.3.
Bij dagvaarding van 8 mei 2023 heeft Collect Car B.V., h.o.d.n. Greenwheels (hierna: Greenwheels), een bodemprocedure jegens [eiseres01] aanhangig gemaakt bij de rechtbank Midden-Nederland. In die procedure vordert Greenwheels om [eiseres01] te veroordelen tot betaling aan haar van het bedrag van € 9.437,80, te vermeerderen met de wettelijke rente en proceskosten. Daarbij stelt Greenwheels dat zij met [eiseres01] een overeenkomst heeft gesloten, op grond waarvan Greenwheels een auto aan [eiseres01] heeft verhuurd. Greenwheels heeft facturen aan [eiseres01] verzonden ter zake van ritkosten en kosten als gevolg van bekeuringen en schade aan de auto. Omdat [eiseres01] ondanks sommaties die facturen onbetaald heeft gelaten, vordert Greenwheels nakoming tot betaling van die facturen en bijkomende kosten.

3..Het geschil

3.1.
[eiseres01] vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:
I. dat [gedaagde01] (door overmaking van) € 9.437,80, plus renten ad € p.m., plus (proces)kosten (in de Utrechtse zaak) ad € p.m. aan gerechtsdeurwaarder [naam01] , te Amsterdam) na opgave van de juiste posten door [naam01] , in de zaak L230813, aan [eiseres01] (bij wege van schadevergoeding, althans bij wege welken titel ex artikel 24 jo Pro. 25 Rv ook) dient te betalen;
II. dat [gedaagde01] wordt veroordeeld in de proceskosten van onderhavig kort geding;
III. althans zodanig te beslissen zoals de voorzieningenrechter rechtens juist oordeelt.
3.2.
[gedaagde01] voert verweer.
3.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4..De beoordeling

4.1.
[gedaagde01] voert in de eerste plaats aan dat de voorzieningenrechter onbevoegd is om van dit geschil kennis te nemen. Het betreft hier een vordering van minder dan
€ 25.000,00 zodat de procedure ingevolge artikel 93 Rv Pro door de kantonrechter moet worden behandeld, aldus [gedaagde01] .
Dit verweer wordt gepasseerd. Uit artikel 254 leden Pro 1 en 5 Rv vloeit voort dat de voorzieningenrechter in alle spoedeisende zaken bevoegd is, ook in zaken die ten gronde door de kantonrechter worden behandeld en beslist.
4.2.
Met betrekking tot een geldvordering in kort geding, zoals hier aan de orde, is terughoudendheid bij toewijzing op zijn plaats. Bij de beoordeling speelt een rol of de vordering voldoende aannemelijk is, of een onmiddellijke voorziening vereist is en of er een restitutierisico is.
4.3.
[eiseres01] stelt dat [gedaagde01] zich schuldig heeft gemaakt aan chantage en dat hij, door misbruik te maken van haar identiteit en gegevens, diensten heeft afgenomen van Greenwheels. [gedaagde01] dient de kosten die daaraan zijn verbonden, daarom te betalen. Ter onderbouwing van haar stellingen heeft zij stukken met betrekking tot haar aangifte en correspondentie tussen (volgens haar) partijen via Snapchat en Instagram overgelegd.
[gedaagde01] heeft uitdrukkelijk de beschuldigingen van [eiseres01] betwist. Hij voert verder aan dat de door [eiseres01] overgelegde correspondentie valselijk is opgemaakt en dat de betreffende berichten niet van hem afkomstig zijn.
4.4.
De voorzieningenrechter begrijpt dat [eiseres01] een geldsom vordert ten titel van schadevergoeding op grond van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW Pro). Voor zover zij tevens een beroep doet op artikel 24 en Pro 25 Rv, heeft te gelden dat die artikelen geen zelfstandige grondslag bieden voor een vordering tot schadevergoeding.
4.5.
Overwogen wordt dat [gedaagde01] de inhoud van de aangifte en de herkomst van de door [eiseres01] ingebrachte correspondentie uitdrukkelijk betwist en dat het strafonderzoek nog loopt. Bij die stand van zaken kan in dit kort geding niet met voldoende mate van zekerheid worden vastgesteld of de beschuldigingen van [eiseres01] aan het adres van [gedaagde01] juist zijn. Het ligt op de weg van [eiseres01] om nader bewijs te leveren van haar stellingen. Een kort geding leent zich daar niet voor, dat dient in een bodemprocedure plaats te vinden.
Daarnaast geldt dat [eiseres01] geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd waaruit blijkt dat zij een beslissing in de bodemprocedure niet kan afwachten en die reden geven voor een voorlopige voorziening. De bodemprocedure tussen Greenwheels en [eiseres01] loopt nog. Er is dus nog geen veroordeling tot betaling tegen [eiseres01] uitgesproken waar zij op korte termijn aan moet voldoen. Bovendien heeft [eiseres01] in die procedure een incident ingesteld, waarin zij [gedaagde01] in vrijwaring heeft opgeroepen. Indien dat incident wordt toegewezen, zal het geschil tussen partijen tegelijkertijd met de bodemprocedure tussen Greenwheels en [eiseres01] worden behandeld.
4.6.
Dat betekent dat de vordering van [eiseres01] wordt afgewezen.
4.7.
[eiseres01] wordt als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld. De kosten aan de zijde van [gedaagde01] worden begroot op:
- griffierecht € 86,00
- salaris advocaat
€ 697,00
Totaal € 783,00

5..De beslissing

De voorzieningenrechter:
5.1.
wijst de vordering af;
5.2.
veroordeelt [eiseres01] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde01] tot op heden begroot op € 783,00;
5.3.
verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. J. Mendlik en in het openbaar uitgesproken op 14 juli 2023.
2091 / 3577