Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 6 juni 2023, met bijlagen;
- de spreekaantekeningen van de advocaat van de vader.
Rechtbank Rotterdam
De moeder verzocht de rechtbank om vervangende toestemming voor een vakantie met hun minderjarige kind naar Turkije gedurende zes weken. De ouders oefenen gezamenlijk het ouderlijk gezag uit, maar zijn het niet eens over deze vakantie. De vader betoogde dat de vakantie de noodzakelijke opbouw van een onbegeleide zorgregeling tussen hem en het kind zou vertragen.
De rechtbank oordeelde dat het belang van het kind voorop staat en dat het langdurig verblijf in het buitenland de ontwikkeling van het contact met de vader belemmert. Het tweede BOR-traject dat tot een onbegeleide zorgregeling moet leiden, was nog niet gestart en de vakantie zou verdere vertraging veroorzaken.
Daarom werd het verzoek van de moeder afgewezen en werd bepaald dat iedere partij zijn eigen proceskosten draagt. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad en werd op 28 juni 2023 uitgesproken door de voorzieningenrechter.
Uitkomst: De moeder krijgt geen vervangende toestemming voor een vakantie met het kind naar Turkije omdat dit niet in het belang is van de omgangsregeling met de vader.