Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- vrijspraak van het onder 3 (afpersing met geweld in vereniging) ten laste gelegde;
- bewezenverklaring van het onder 1 (poging tot diefstal met geweld in vereniging) en 2 (diefstal met geweld in vereniging) ten laste gelegde;
4..Waardering van het bewijs
inhet pand een of meer geweldshandelingen (of de bedreiging daarmee) hebben plaatsgevonden, maar de rechtbank kan op basis van het dossier niet vaststellen dat op dat moment al sprake was van opzet op diefstal van enig goed. De verdachte wordt daarom vrijgesproken van de onder 1 ten laste gelegde poging tot diefstal met geweld.
tape te plakken op de mond en armen en/of handen van
5..Strafbaarheid feit
6..Strafbaarheid verdachte
7..Motivering straf
- De reclassering ziet het psychosociaal functioneren van de verdachte als direct delictgerelateerde factor. Er zijn zorgen over zijn emotieregulatie en zijn manier van handelen. Ook komen er zorgen naar voren over zijn dagbesteding. Als beschermende factor ziet de reclassering dat de verdachte openstaat voor (psychosociale) hulp en wil meewerken aan eventueel opgelegde bijzondere voorwaarden;
- Het risico op herhaling wordt ingeschat als gemiddeld;
- Wat betreft de handelingsvaardigheden wordt geconcludeerd dat de verdachte de risico's van zijn handelen vergeleken met leeftijdgenoten niet goed inschat en dat hij gebrekkige plannings- en organisatievaardigheden heeft. Dit zijn indicaties voor toepassing van het jeugdstrafrecht. De verdachte lijkt ontvankelijk voor sociale, emotionele of praktische ondersteuning of beïnvloeding door volwassenen;
- Alles overziend wordt geadviseerd om het jeugdstrafrecht toe te passen en het toezicht te laten uitvoeren door de jeugdreclassering;
- Gezien de problemen die de verdachte op meerdere leefgebieden heeft, wordt geadviseerd om een (deels) voorwaardelijke jeugddetentie op te leggen met bijzondere voorwaarden, te weten: houden aan aanwijzing van Jeugd- en Gezinsbeschermers Haarlem, een meldplicht, meewerken aan diagnostiek en behandeling in een forensische polikliniek, inspannen voor zinvolle dagbesteding, een contactverbod met het slachtoffer en een locatieverbod.
8..Vordering benadeelde partij/schadevergoedingsmaatregel
€ 1.272,89.Dit bedrag bestaat uit de kostenposten voor de kleding en de weggenomen Apple Iphone 12 (productie 4 tot en met 8 van de pleitnotitie).
€ 113,09. De reis- en parkeerkosten (productie 2 en 3) zijn deels aan te merken als proceskosten die niet voor vergoeding in aanmerking komen, omdat de benadeelde partij wordt bijgestaan door een gemachtigde (zie art. 532 Sv Pro jo. art. 238 en Pro 239 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering). In de vordering is daarin geen onderscheid aangebracht, zodat deze post onvoldoende is onderbouwd. De gevorderde vergoeding van de koptelefoon en de kosten voor het aanvragen van nieuwe passen (productie 9 tot en met 12) worden, gelet op de partiële vrijspraak, niet toegewezen.
€ 10.000,-.De rechtbank heeft daartoe aansluiting gezocht bij bedragen die in min of meer vergelijkbare gevallen zijn toegekend en bij de letsellijst van het Schadefonds Geweldsmisdrijven. De benadeelde partij zal voor het overige niet-ontvankelijk worden verklaard, aangezien de bewijsstukken ter onderbouwing van de vordering thans ontoereikend zijn. Er is nog geen medische eindtoestand bereikt en daarnaast kan niet eenvoudig worden vastgesteld dat en in welke mate de psychische schade van de benadeelde partij verband houdt met het strafbare feit, ook gelet op de weerspreking door de verdediging. Nader onderzoek naar de gegrondheid van de vordering en de omvang daarvan zou een onevenredige belasting van het strafproces vormen. Dit deel van de vordering kan daarom slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.
€ 11.272,89,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 augustus 2022. Tevens wordt oplegging van de hierna te noemen maatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht passend en geboden geacht.
9..Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.. Bijlagen
11.. Beslissing
jeugddetentie voor de duur van 365 (driehonderdvijfenzestig) dagen;
177 (honderdzevenzeventig) dagenniet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
2 jaren;
€ 11.272,89 (zegge: elfduizend tweehonderd tweeënzeventig euro en negenentachtig cent), bestaande uit € 1272,89 aan materiële schade en € 10.000,- aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 3 augustus 2022 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van [benadeelde partij01] te betalen
€ 11.272,89(hoofdsom
zegge: elfduizend tweehonderd tweeënzeventig euro en negenentachtig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 augustus 2022 tot aan de dag van de algehele voldoening;
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
0 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;