ECLI:NL:RBROT:2023:7030
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming verplichtingen en wens schuldenaar
Bij vonnis van 3 februari 2022 werd de schuldsaneringsregeling toegepast op schuldenaren. De bewindvoerder verzocht tussentijdse beëindiging vanwege niet-nakoming van verplichtingen, waaronder het niet naleven van de informatie- en sollicitatieplicht en het ontstaan van nieuwe schulden.
De rechtbank constateert dat schuldenaren toerekenbaar tekort zijn geschoten in hun verplichtingen. De schuldenaar heeft aangegeven de regeling te willen beëindigen, maar zijn echtgenote heeft dit niet bevestigd of schriftelijk verklaard. Zij was ook niet aanwezig bij eerdere zittingen en verhoren.
Desondanks ziet de rechtbank geen reden om opnieuw een zitting te beleggen, mede omdat schuldenaar en zijn vrouw de regeling wensen te beëindigen. De regeling wordt beëindigd op grond van artikel 350 Faillissementswet Pro vanwege niet-nakoming van informatie- en sollicitatieplicht en het ontstaan van nieuwe schulden.
De rechtbank stelt het salaris van de bewindvoerder vast en constateert dat er geen baten zijn om vorderingen te voldoen. Er is geen sprake van een faillissement van rechtswege na kracht van gewijsde van dit vonnis.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming van verplichtingen en de wens van schuldenaar, ondanks het ontbreken van expliciete instemming van de echtgenote.