ECLI:NL:RBROT:2023:7308
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Voortzetting maatregel plaatsing in inrichting voor stelselmatige daders na tussentijdse toets
Bij vonnis van 1 juli 2022 werd aan de veroordeelde een ISD-maatregel opgelegd voor twee jaar. Op 6 juni 2023 diende de veroordeelde een verzoek in tot tussentijdse beoordeling van de voortzetting van deze maatregel. De zaak werd op 13 juli 2023 behandeld waarbij de officier van justitie, de veroordeelde, zijn raadsman en een senior casemanager aanwezig waren.
De veroordeelde verzocht om beëindiging van de maatregel, stellende dat de behandeling en begeleiding onvoldoende van de grond zijn gekomen en dat zijn huidige situatie stabiel is zonder risico op onveiligheid of overlast. Hij benadrukte dat het verblijf in de inrichting zinloos is zonder duidelijke huisvesting of behandeling.
De rechtbank oordeelde op basis van het rapport van 29 juni 2023 en de zitting dat de behandeling inmiddels is gestart en goed verloopt. De veroordeelde erkent zelf de noodzaak van intensieve behandeling voor verslavings- en agressieproblemen en werkt mee aan een intake bij GGZ Delfland. Het recidiverisico blijft hoog, waardoor bescherming van de maatschappij noodzakelijk is.
Daarom wees de rechtbank het verzoek tot beëindiging af en besloot de voortzetting van de ISD-maatregel. Er is geen grond om de maatregel te beëindigen gezien het belang van behandeling en maatschappelijke veiligheid.
Uitkomst: Het verzoek tot beëindiging van de ISD-maatregel wordt afgewezen en de maatregel wordt voortgezet.