Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde (zware mishandeling);
- veroordeling van de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 80 uren, subsidiair 40 dagen vervangende hechtenis, alsmede een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van één maand, met een proeftijd van twee jaar en als bijzondere voorwaarden: een meldplicht bij de reclassering, ambulante behandeling, een contactverbod met aangeefster en een locatieverbod voor een straal van één kilometer rondom de woning van aangeefster te Hellevoetsluis.
4..Waardering van het bewijs
meer subsidiairten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:
en
5..Strafbaarheid feit
6..Strafbaarheid verdachte
7..Motivering straf
8..Vordering benadeelde partij / schadevergoedingsmaatregel
9..Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.. Bijlagen
11..Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) maand;
60 (zestig) uren, waarbij de Reclassering Nederland dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;
30 dagen;
€ 3.075,86 (zegge: drieduizend vijfenzeventig euro en zesentachtig cent), bestaande uit € 575,86 aan materiële schade en € 2.500,- aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 25 december 2021 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van [slachtoffer01] te betalen
€ 3.075,86(hoofdsom,
zegge: drieduizend vijfenzeventig euro en zesentachtig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 december 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening;
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
40 dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;