Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..De procedure
- verzoeker;
- mevrouw C. Rodrigues, werkzaam bij Kredietbank Rotterdam (hierna: schuldhulpverlening).
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft op 10 juli 2023 een verzoek ingediend ex artikel 287b Faillissementswet om een voorlopige voorziening te treffen die de ontruiming van zijn huurwoning opschort. De rechtbank heeft op 20 juli 2023 de zaak behandeld, waarbij verweerster niet is verschenen.
De rechtbank stelt vast dat sprake is van een bedreigende situatie omdat een vonnis tot ontruiming van 7 april 2023 en een exploot van 22 juni 2023 tot uitvoering van de ontruiming op 11 juli 2023 zijn overgelegd. Verzoeker werkt fulltime in de horeca en ontvangt loon, ook tijdens een korte periode van ziekte. Hij is recent aangemeld voor budgetbeheer dat eind augustus 2023 start, en heeft de huur over april tot en met juli 2023 voldaan.
De rechtbank weegt het belang van verzoeker, die in zijn woning wil blijven en het schuldhulpverleningstraject wil voortzetten, zwaarder dan het belang van verweerster die het vonnis wil uitvoeren. De voorziening wordt voor zes maanden toegewezen onder de voorwaarde dat de huurtermijnen tijdig worden voldaan. Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 284, tweede lid, Fw.
Uitkomst: De rechtbank wijst de voorlopige voorziening toe die de ontruiming van de huurwoning voor zes maanden opschort onder de voorwaarde dat de huurtermijnen tijdig worden voldaan.