Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoekster;
- dhr. [persoon A] , werkzaam bij de Kredietbank Rotterdam (hierna: schuldhulpverlening);
- partner van verzoekster.
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wegens het niet meer kunnen voldoen aan haar schulden. De rechtbank heeft vastgesteld dat verzoekster is opgehouden met betalen of dat redelijkerwijs is te voorzien dat zij niet zal kunnen voortgaan met betaling van haar schulden.
De rechtbank heeft het verzoekschrift beoordeeld en geen gronden gevonden om het verzoek af te wijzen. Tevens is vastgesteld dat het centrum van de voornaamste belangen van verzoekster in Nederland ligt, waardoor de rechtbank bevoegd is om de insolventieprocedure als hoofdprocedure te openen.
De rechtbank heeft de toepassing van de schuldsaneringsregeling uitgesproken met een looptijd van 18 maanden, ingaande op 6 juli 2023 en eindigend op 6 januari 2025. Daarnaast is mr. M.C. Snel-van den Hout benoemd tot rechter-commissaris en is een voorschot op de vergoeding van de bewindvoerder toegekend. Tevens is bepaald dat verzoekster tijdens de regeling gebruik blijft maken van budgetbeheer.
Uitkomst: De rechtbank wijst de schuldsaneringsregeling toe met een termijn van 18 maanden en legt budgetbeheer op.