De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering om een machtiging voor gesloten jeugdhulp te verlenen aan een minderjarig kind, geboren in 2009, dat momenteel verblijft op een gesloten groep bij een instelling. De kinderrechter heeft op 6 juli 2023 de zaak behandeld met gesloten deuren, waarbij het kind, de ouders en vertegenwoordigers van de GI zijn gehoord.
De feiten tonen dat het kind sinds mei 2023 in crisisopvang verblijft vanwege ernstige zorgen over veiligheid in de thuissituatie, waaronder verbale en fysieke agressie en middelengebruik door de vader. Er zijn eerdere machtigingen verleend voor gesloten jeugdhulp en toezicht. De GI heeft een verzoek ingediend voor verlenging van de machtiging voor een gesloten accommodatie tot 15 september 2023, mede vanwege een incident op de groep en zorgen over de veiligheid en het welzijn van het kind.
De ouders verzetten zich tegen de verlenging en stellen alternatieven voor, zoals plaatsing bij opa en oma of aanpassing van de thuissituatie. Het kind zelf voelt zich onveilig op de huidige plek en pleit voor een andere verblijfplaats, bij voorkeur een open meidengroep dichter bij familie. De kinderrechter concludeert dat de gesloten jeugdhulp nog noodzakelijk is, maar dat het huidige verblijf niet optimaal is en dat handelingsverlegenheid bij de instelling bestaat.
Daarom wordt de machtiging gesloten jeugdhulp verleend tot 1 augustus 2023 en het verdere verzoek aangehouden. De GI wordt opgedragen uiterlijk een werkdag voor de volgende zitting te rapporteren over de actuele situatie. De zaak wordt op 24 juli 2023 voortgezet om te bepalen welke verblijfplek het beste is voor het kind.