Partijen, ex-partners met een affectieve relatie sinds 1992 en twee minderjarige kinderen, zijn sinds 2019 uit elkaar. De vrouw heeft de samenlevingsovereenkomst ontbonden en vordert het uitsluitend gebruik van de gezamenlijke woning, die zij sinds 2000 samen bezitten. De man heeft zijn tegenvordering ingetrokken en verzocht om een termijn tot 28 februari 2023 om in de woning te verblijven.
De rechtbank oordeelt dat het uitsluitend gebruik van de woning aan de vrouw wordt toegekend met ingang van 29 februari 2023, waarbij de man uiterlijk op 28 februari 2023 dient te vertrekken. De dwangsom voor het niet naleven van dit vonnis wordt vastgesteld op € 100,- per dag, met een maximum van € 5.000,-.
De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij zijn eigen kosten draagt, ondanks dat de vrouw de procedure heeft moeten starten vanwege het weigeren van de man om de woning te verlaten. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.