De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering tot verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige geboren in 2008. De minderjarige verblijft sinds 2021 in een groep van Auriga 's Heerenloo te Dordrecht. De vader, die het ouderlijk gezag heeft, is belanghebbende in de procedure.
Tijdens de mondelinge behandeling gaf de GI aan dat de situatie sinds januari 2023 minder goed was, maar dat recent positieve ontwikkelingen zichtbaar zijn. De minderjarige volgt weer dagbehandeling en school, en er zijn afspraken gemaakt over contact met de vader. De minderjarige wil niet bij haar vader wonen vanwege diens levenswijze en geloofsovertuiging. De vader betoogde dat de hulpverlening op de groep onvoldoende is en dat hij de minderjarige het liefst zelf opvoedt.
De kinderrechter oordeelt dat nog steeds sprake is van een ernstige bedreiging van de ontwikkeling van de minderjarige, onder meer door een lage intelligentie, ontwikkelingsachterstand en hechtingsproblemen. De verlenging van de ondertoezichtstelling wordt gerechtvaardigd geacht voor de duur van een jaar. De machtiging tot uithuisplaatsing wordt verlengd voor zes maanden, met aanhouding voor een nader te bepalen zitting in januari 2024, vanwege het ontbreken van het verplichte advies van de Raad voor de Kinderbescherming.
De GI wordt verzocht uiterlijk 1 januari 2024 te rapporteren over de stand van zaken en het advies van de Raad te overleggen. Tevens wordt aandacht gevraagd voor het perspectief van de minderjarige en mogelijke terugplaatsing naar huis. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.