Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoekster;
- mevrouw [naam01] , werkzaam bij de gemeente Nissewaard (hierna: schuldhulpverlening).
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank stelt vast dat verzoekster niet langer kan betalen en dat zij in de afgelopen drie jaar niet te goeder trouw was vanwege het opnieuw laten ontstaan van schulden kort na een minnelijk traject, waaronder een schuld aan de verhuurder. Dit wordt als verwijtbaar aangemerkt.
Desondanks erkent de rechtbank de motivatie van verzoekster om haar schulden af te lossen en haar positieve ontwikkelingen, zoals het instellen van beschermingsbewind en het volgen van een BBL-opleiding. Deze omstandigheden leiden tot toepassing van de hardheidsclausule.
De rechtbank besluit de duur van de schuldsaneringsregeling vast te stellen op 36 maanden, mede vanwege de combinatie van werken en studeren, waarbij de inspanningsverplichting tijdelijk niet volledig kan worden nagekomen. Verzoekster stemt hiermee in.
Daarnaast benoemt de rechtbank een rechter-commissaris, kent een voorschot toe voor de bewindvoerder en geeft last tot het openen van aan de schuldenaar gerichte post. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot schuldsaneringsregeling toe met een looptijd van 36 maanden vanwege opleidingssituatie en beschermingsbewind.