Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoekster;
- mevrouw S. van Delft, werkzaam bij Kredietbank Rotterdam (hierna: schuldhulpverlening);
- mevrouw L. Theunissen, werkzaam bij Stichting Humanitas (hierna: maatschappelijk werk).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster heeft een schuldregeling aangeboden aan dertien schuldeisers, waarbij twaalf schuldeisers instemden en één schuldeiser, met een aandeel van 30,2% in de totale schuldenlast, weigerde mee te werken. De regeling is gebaseerd op de NVVK-norm en een afloscapaciteit vanuit een Participatiewet-uitkering, waarbij verzoekster geen actief inkomen verwacht de komende jaren.
De rechtbank stelde vast dat de regeling door een onafhankelijke partij was getoetst en goed gedocumenteerd was. De schuldeiser heeft geen gebruik gemaakt van zijn mogelijkheid om zijn standpunt toe te lichten. De rechtbank oordeelde dat het belang van verzoekster en de overige schuldeisers bij het akkoord zwaarder weegt dan het belang van de schuldeiser die weigert.
De rechtbank wees het verzoek toe en bepaalde dat het vonnis in de plaats treedt van de vrijwillige instemming van schuldeisers. Het subsidiaire verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling werd afgewezen omdat de minnelijke regeling een gunstiger resultaat oplevert voor schuldeisers. De schuldeiser werd veroordeeld in de proceskosten, die nihil werden begroot.
Uitkomst: Schuldeiser wordt bevolen in te stemmen met de aangeboden schuldregeling; subsidiair verzoek tot schuldsaneringsregeling wordt afgewezen.