ECLI:NL:RBROT:2023:9482
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek maatschappelijke opvang wegens zelfredzaamheid en verwijtbaarheid
Verzoekster, een Nederlandse staatsburger die recentelijk terugkeerde uit Somalië, vroeg maatschappelijke opvang aan bij de gemeente Rotterdam. Het college wees dit af omdat verzoekster volgens hen zelfredzaam is en niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij niet in staat was haar vertrek uit Somalië voor te bereiden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster geen recht heeft op opvang omdat zij in staat wordt geacht zelf onderdak en inkomen te regelen, mede omdat zij sinds haar terugkeer contact heeft gezocht met instanties en geen ernstige beperkingen in zelfredzaamheid zijn vastgesteld. De schaarste op de woningmarkt is geen reden voor maatschappelijke opvang.
Daarnaast is de noodzaak van opvang aan verzoekster te verwijten omdat zij haar vertrek uit Somalië onvoorbereid heeft gedaan, terwijl zij voldoende tijd had om opvang en inkomen te regelen. Het negatieve reisadvies voor Somalië leidt niet tot een vluchtelingensituatie.
Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen en het college is niet verplicht tijdens de bezwaarprocedure opvang te verlenen. Er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat verzoekster zelf in onderdak kan voorzien en de noodzaak van opvang aan haar is te verwijten.