ECLI:NL:RBROT:2023:949
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling maandelijkse aflossingsbedrag terugvordering onterecht ontvangen AIO-aanvulling
Eiser ontvangt sinds 2013 een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO-aanvulling). In 2014 werd vastgesteld dat eiser onroerend goed bezit boven het grensbedrag, waardoor de AIO-aanvulling werd beëindigd en teruggevorderd. Verweerder stelde in 2022 het maandelijkse aflossingsbedrag vast op €197,88, met een coulanceregeling die het bedrag in het eerste jaar halveert.
Eiser stelde dat de vordering verjaard is op grond van een beleidsregel en de Participatiewet, en dat er dringende redenen zijn om af te zien van terugvordering vanwege zijn draagkracht. De rechtbank oordeelt dat de verjaringstermijn van vijf jaar geldt en dat de jaarlijkse invorderingsbesluiten de verjaring hebben gestuit. De vordering is daarom niet verjaard.
De rechtbank wijst het beroep af omdat de berekening van de aflossingscapaciteit juist is en verweerder een coulanceregeling toepast. Eiser kan bij betalingsproblemen een nieuw draagkrachtonderzoek aanvragen. Het beroep is ongegrond verklaard, het griffierecht wordt niet teruggegeven en er is geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het vastgestelde maandelijkse aflossingsbedrag is ongegrond verklaard en de vordering is niet verjaard.