ECLI:NL:RBROT:2023:955
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gerechtelijke toetsing opschorting, intrekking, herziening en boete Participatiewet wegens schending inlichtingenplicht
Eiseres ontvangt sinds juni 2021 een bijstandsuitkering en werd onderzocht vanwege vermoedens dat zij niet op het opgegeven adres woonde. Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam stelde vast dat eiseres niet verscheen op uitnodigingen voor gesprekken en niet de gevraagde gegevens overlegde. Hierdoor werd haar bijstand opgeschort, ingetrokken, herzien en werd een bedrag van €3.065,31 teruggevorderd. Tevens werd een bestuurlijke boete van €1.879,45 opgelegd wegens schending van de inlichtingenplicht.
De rechtbank oordeelt dat het college aannemelijk heeft gemaakt dat de uitnodigingsbrieven daadwerkelijk persoonlijk zijn bezorgd en dat eiseres haar inlichtingenplicht heeft geschonden door niet te verschijnen en geen gegevens te verstrekken. Het beroep tegen opschorting, intrekking, herziening en terugvordering wordt ongegrond verklaard. Wel is de rechtbank van oordeel dat de boete te hoog is vastgesteld. Het college heeft in beroep een lager bedrag van €700,- voorgesteld, rekening houdend met normale verwijtbaarheid en recidive.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit voor zover het de hoogte van de boete betreft en stelt de boete vast op €700,-. Daarnaast wordt het betaalde griffierecht van €50,- aan eiseres vergoed en wordt het college veroordeeld in de proceskosten van €1.674,-. Het overige van het bestreden besluit blijft in stand.
Uitkomst: De rechtbank vermindert de boete tot €700,- en handhaaft de overige besluiten inzake bijstand.