Eiser heeft een huurovereenkomst voor een woning en beschikt over een urgentieverklaring sinds 2014. Hij reageerde op een andere woning van gedaagde, Havensteder, waarvoor een inkomenseis geldt. Hoewel eiser de woning bezichtigde en het aanbod van 8 juli 2023 aanvaardde, blijkt uit controle dat het opgegeven inkomen niet klopt en onvoldoende is voor de woning.
Eiser vordert in kort geding dat Havensteder de woning aan hem aanbiedt en niet aan anderen verhuurt. Havensteder betwist dit en stelt dat er geen huurovereenkomst tot stand is gekomen omdat eiser niet aan de voorwaarden voldoet en de woning al aan een ander is verhuurd.
De kantonrechter oordeelt dat eiser onvoldoende spoedeisend belang heeft aangetoond, mede omdat de urgentieverklaring oud is en medische klachten onvoldoende onderbouwd. Daarnaast is voorshands vastgesteld dat geen huurovereenkomst is gesloten vanwege het niet voldoen aan de inkomenseis. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten en de vordering wordt afgewezen.