ECLI:NL:RBROT:2023:9626
Rechtbank Rotterdam
- Tussenuitspraak
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over onvoldoende motivering en zorgvuldigheid bij Woo-verzoek openbaarmaking documenten
Eiser heeft een verzoek ingediend op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) voor openbaarmaking van documenten over een omgevingsvergunning en bodemonderzoek. Verweerder heeft niet tijdig beslist, waarna een primair besluit en een bestreden besluit volgden waarin slechts een deel van de documenten werd verstrekt. Eiser stelde dat belangrijke documenten ontbraken en dat het besluit niet zorgvuldig was.
De rechtbank constateert dat verweerder niet inzichtelijk heeft gemaakt hoe het onderzoek naar de gevraagde documenten is verricht, op welke plekken is gezocht en of documenten die niet meer aanwezig zijn, nog bij externe partijen konden worden opgevraagd. Dit leidt tot de conclusie dat het bestreden besluit niet zorgvuldig tot stand is gekomen en onvoldoende is gemotiveerd.
De rechtbank wijst op het zorgvuldigheidsbeginsel en motiveringsbeginsel uit de Awb en stelt dat verweerder de gelegenheid krijgt om binnen twaalf weken de gebreken te herstellen, bijvoorbeeld door een aanvullende motivering of een nieuwe beslissing. De procedure wordt aangehouden tot de einduitspraak, waarbij nieuwe geschilpunten in beginsel niet worden toegelaten.
Uitkomst: Verweerder krijgt twaalf weken om de gebreken in het besluit over het Woo-verzoek te herstellen; verdere beslissing wordt aangehouden.