Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoekster;
- [naam01] , partner van verzoekster (hierna: partner);
- [naam02] , werkzaam bij Kredietbank Rotterdam (hierna: schuldhulpverlening);
- [naam03] , namens IJsselgemeenten.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster diende een verzoek in op grond van artikel 287a Faillissementswet om een dwangakkoord af te dwingen tegen de weigering van schuldeiser IJsselgemeenten, die een vordering van €20.340,69 had en niet instemde met het aangeboden schuldregeling. Twaalf van de dertien schuldeisers stemden wel in met het voorstel, dat uitging van een prognoseaanbod gebaseerd op de NVVK-norm.
IJsselgemeenten verweerde zich door te stellen dat verzoekster en haar partner de inlichtingenplicht hadden geschonden door het niet melden van inkomsten uit arbeid terwijl zij een bijstandsuitkering ontvingen, wat leidde tot een boete die inmiddels was afbetaald. De rechtbank oordeelde dat de belangen van verzoekster en de overige schuldeisers die instemden zwaarder wegen dan het belang van IJsselgemeenten bij weigering.
De rechtbank nam mee dat het voorstel door een onafhankelijke partij was getoetst, goed gedocumenteerd was en dat verzoekster zich inzet om te werken ondanks haar gezondheid. De subsidiaire aanvraag tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling werd afgewezen omdat deze minder gunstig zou zijn voor schuldeisers. IJsselgemeenten werd veroordeeld in de proceskosten en het dwangakkoord werd toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank beveelt schuldeiser IJsselgemeenten in te stemmen met het dwangakkoord en wijst het subsidiaire verzoek tot schuldsaneringsregeling af.