ECLI:NL:RBROT:2024:10330
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens softdrugs
Verzoeker, eigenaar en verhuurder van een woning in Rotterdam, verzocht om een voorlopige voorziening om de woning te heropenen nadat de burgemeester deze had gesloten wegens de vondst van ruim een kilo softdrugs. De politie trof tijdens een onderzoek op 25 mei 2024 in de woning 341,3 gram hasjiesj en 843 gram henneptoppen aan, wat leidde tot de sluiting voor drie maanden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoeker onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij de bezwaarprocedure niet kan afwachten, mede omdat hij eigenaar is van meerdere panden en geen inzicht gaf in zijn financiële situatie. Daarnaast was de burgemeester bevoegd om de woning te sluiten en bestond er een noodzaak vanwege de grote hoeveelheid drugs en de locatie in een kwetsbare wijk.
Verzoekers argument dat de drugs bestemd was voor een verjaardagsfeest werd niet geloofd, gezien de vindplaatsen van de drugs. De sluiting werd niet als onevenwichtig beschouwd, mede omdat nieuwe huurders geen voorlopige voorziening hadden gevraagd en verzoeker geen bewijs van toezicht op de woning had geleverd.
De voorzieningenrechter concludeerde dat de belangen van de burgemeester bij sluiting zwaarder wegen dan die van verzoeker bij voortgezet gebruik. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wordt afgewezen.